Definities circulaire economie, biobased bouwmaterialen, natuurinclusief

definitie circulaire economie

Klik om de afbeelding te vergroten

Circulaire economie, biobased, natuurinclusief, wat is dat eigenlijk? Hieronder vind je definities en aanvullende informatie over deze begrippen die Nederland duurzaam moeten maken. En wat dacht je van het begrip ‘Duurzaam’, ook weer zo’n woord wat alles omvat en daardoor zo lastig uit te leggen is. We hebben geprobeerd om het uit te leggen op een manier dat jij het kunt doorvertellen aan je ouders, familie en vrienden.

Circulaire economie

Zoals je weet gaat het niet goed met de grondstoffen. We hebben de wereld uitgeput. Olie en gas raken op, maar ook grondstoffen die nodig zijn om je mobiel te maken. Staal, aluminium, al deze materialen kunnen we niet oneindig delven. Dus moeten we zorgen dat we ze hergebruiken.

In de circulaire economie bestaat er geen afval meer. Grondstoffen en materialen worden keer op keer hergebruikt. Dus in plaats van weggooien en verbranden, moeten producten veel langer meegaan, en als ze kapot zijn, of je wilt het product niet meer dan wordt het tijd voor reparatie of hergebruik door iemand anders waaraan je het verkoopt. Je kunt een product ook uit elkaar halen en onderdelen opnieuw gebruiken bijvoorbeeld in een ander product. Zo wordt er van versleten kleding bijvoorbeeld isolatiemateriaal gemaakt. En dat kan dan weer tientallen jaren mee. Dus in de circulaire economie gaan we voor een langdurig ontwerp, onderhoud, reparatie, hergebruik, herfabricage en opknappen in een gesloten recyclingsysteem.

Biobased bouwmaterialen

Biobased bouwmaterialen passen perfect in de circulaire economie. Omdat ze nooit opgaan. Biobased staat voor materialen in de natuur. Denk aan bomen, vlas, (olifants)gras, hennep, bamboe en meer gewassen die we gewoon kunnen planten en die gevoed door de zon en water, nooit opraken. Deze natuurlijke materialen zijn perfect omdat ze tijdens de groei ook nog eens CO2 omzetten in zuurstof. En CO2 dat veroorzaakt de opwarming van de aarde dus daar moeten we vanaf.

Overigens zijn klei en leem in Nederland ook ‘nagroeibare’ grondstoffen in Nederland door al het slib dat met de rivieren ons land binnen komt. Daarom worden deze grondstoffen ook gezien als biobased.

Waarom kiezen voor biobased bouwmaterialen?

Om verschillende redenen. Enerzijds raken onze grondstoffen deels op. En dus zoeken we naar grondstoffen die oneindig aanwezig kunnen zijn, dat zijn de nagroeibare grondstoffen. Als we niet meer verbruiken dan het groeit, zullen we nooit met uitputting geconfronteerd worden. Anderzijds zoeken we naar een manier van bouwen die het milieu minder belast. Bouwen met natuurlijke materialen zorgt voor flink wat minder CO2. Ook omdat ze vaak lichter zijn en uit de regio komen waardoor er minder transportkilometers nodig zijn om ze op de bouwplaats te krijgen. Bovendien zorgen natuurlijke materialen voor een gezond binnenklimaat en daar worden we allemaal beter van.

Is bouwen met biobased bouwmaterialen hetzelfde als NatuurInclusief bouwen?

Het antwoord op deze vraag is nee want NatuurInclusief gaat verder. In dit bouwconcept dat steeds populairder wordt in Nederland, komen ook nestmogelijkheden en klimaatadaptie in de vorm van wateropvang en -hergebruik aan de orde.

Wanneer ecologie, natuur en bouwproces al aan het prille begin van trajecten samenkomen ontstaat een symbiose en is sprake van natuurinclusief bouwen. Het komt er op neer dat vanaf de start rekening wordt gehouden met verschillende elementen en belangen. Daardoor heb je een grotere impact op biodiversiteit en effecten als hitte, wateroverlast en gezondheid, welzijn van inwoners.  

De gemeente Den Haag was de eerste gemeente die afgesproken heeft om diervriendelijker te gaan bouwen, ofwel natuurinclusief bouwen. Dit betekent dat bij het bouwen en renoveren van nieuwe gebouwen meer rekening gaat houden met de leefomstandigheden van dieren in de stad. Gebouwen worden zo ontworpen dat het voor gierzwaluwen, vleermuizen en huismussen makkelijker wordt om een nestje te bouwen. Denk ook aan natuurlijke nestgelegenheid in muren, wanden en afscheidingen, houtrillen, groene wanden en kieren waar vogels, insecten en egels op afkomen. Gemeenten en provincies stimuleren in toenemende mate meer ‘groen in de stad’ en stimuleren groene daken/gevels/terrassen en groene linten in de buitenruimten.

Logisch dat je in je ontwerp dus al rekening moet houden met een nestkastje of een paar holle stenen. En met elke straatboom die je plant zorg je voor toevoeging van een stukje natuur in de stad of dorp.

NatuurInclusief gaat dus ook over het aanbrengen van groene daken en muren, aandacht voor groen op binnenplaatsen etc. We planten met bomen en struiken die in Nederland hun oorsprong hebben, en houden rekening met bijen en vlinders, de nestmogelijkheden voor vogels etc.

Klimaatadaptief

NatuurInclusief bouwen draagt ook direct bij aan KlimaatAdaptief bouwen. En dat is nodig omdat we steeds meer te maken hebben met hevige regenbuien en hittestress.
Met groene daken en gevels wordt water opgevangen en kan zelfs worden opgevangen als bron voor het doorspoelen van toiletten en het sproeien van je tuin. En groen zorgt ervoor dat regenwater beter opgenomen wordt in de bodem en dat is veel beter dan weg laten spoelen in het riool!

Groen is sowieso gezond dus tegels eruit en gras, bomen, bloemen en struiken terug. Het absorbeert CO2 en fijnstof, verlaagd de temperatuur in de stad en draagt bij aan ieders geluk. Want wist je dat het in de stad 7 graden warmer kan zijn dan daarbuiten? Dat komt omdat stenen de warmte vasthouden. Niet zo gezond dus. Zeker niet voor onze opa’s en oma’s.

Duurzaam

Het idee achter duurzaamheid is simpel: de wereld zodanig maken dat alle mensen vandaag én morgen goed kunnen leven en tegelijk de natuurlijke hulpbronnen van het leven in stand houden. Duurzaamheid is een bepaalde levenshouding: bewust leven, zuinig omgaan met natuurlijke grondstoffen, en door een bewuste levensstijl de aarde minder belasten.

Duurzaamheid is een breed begrip, maar het komt er in het kort op neer dat in een duurzame wereld mens (people), milieu (planet) en economie (profit) met elkaar in evenwicht zijn, zodat we de aarde niet uitputten. Door het kijken naar de ecologische voetafdruk kan je bepalen hoeveel ruimte er per persoon nodig is om alles wat die persoon verbruikt te produceren.

In Nederland gebruiken we per persoon meer ruimte dan de aarde per persoon te bieden heeft. Dit betekent dus dat we aan één aarde niet genoeg zouden hebben. Zo zou een Nederlander bijna 4 aardbollen nodig hebben met zijn levenswijze. Dat is natuurlijk veel te veel! Je kunt zelf kijken wat jouw voetafdruk is op de site van WNF.

Terug naar de SLIMCirculair pagina’s